Behelpen

Vroeger bestonden mijn vakanties uit kamperen met mijn ouders, zusjes en broertje. We hadden een vergrote Zilvermeeuw, een enorme tent met drie tweepersoonsslaapcabines, waarin je rechtop kon staan. Desondanks vond ik het stomvervelend. Elke dag de tent uitvegen, koelelementen omwisselen bij de campingwinkel en natte handdoeken aan de scheerlijnen te drogen hangen. Kamperen was behelpen.

Tegenwoordig kampeer ik niet meer, maar camper ik. Dat is heel anders. Oké, zo nu en dan moet ik de camper uitvegen, maar ik heb nu wel een koelkast. Scheerlijnen heb ik ook niet meer. Natte handdoeken nog wel, maar die hang ik te drogen over de hangmat die ik idyllisch tussen twee knotwilgen heb gehangen.

Want camperen is improviseren.

Plaats een reactie